donderdag 26 april 2007

Een statement als een ander

Communicatie is het zieke broertje van economie.

Bootleg Bar: acoustic style!

Tom Barman - Gulf Shores (cover)
We schrijven 8 augustus in het jaar 2000 als Tom Barman op Dranouter voor het eerst unplugged gaat en in zijn eentje een aantal eigen nummers en covers brengt. Niet alle folkies zijn even opgezet met Barmans aanwezigheid op "hun" festival, maar luisteraars met een open geest zien een ijzersterk concert met een paar magische momenten. Samen met de dan nog onbekende Tom 'Admiral Freebee' Vanlaere brengt hij 'Magnolia' (JJ Cale) en 'There's a road' (Admiral Freebee) en met Axelle Red zingt hij zijn eigen 'Serpentine'. Eén de mooiste maar minst bekende songs is deze 'Gulf Shores' van Will Oldham aka Palace aka Bonnie 'Prince' Billie.

It was hard enough to climb upon
It was slow-going at first
Sister, you have laid long in the sun
Aren't you dying of thirst?

Oh my dear your suit is candy-striped
And your legs are long and slim
If I whisper nothings in your ear
Will you pass them on to him?

Eva Cassidy - Kathy's Song (cover)
Eén van de mooiste stemmen ooit (heeft u haar al eens 'Fields of gold' of 'Somewhere over the rainbow' horen zingen?) zingt het mooiste lied van Simon & Garfunkel.
Of ook wel 'Stijlvol over seks zingen':

Most of my fantasies are of making someone else come. Most of my fantasies are of to be of use. To be of some hard, simple, undeniable use. Like a spindle, like a candle, like a horseshoe, like a corkscrew. To be of use. Most of my fantasies are of making someone else come. On a horse, over palms laid, on the threshold, on the coming day.

donderdag 19 april 2007

Nieuwe broeken

Er zijn altijd wel dingen die je rust verstoren. Sioen die bijvoorbeeld nog altijd geweldig serieus genomen wordt op basis van één niet onaardig nummer en een paar fletse platen. Of de onnozele hals in zijn BMW (echt) die mij en nog een andere wagen aan 80 per uur voorbijsteekt, in de bebouwde kom, op een tweevaksbaan, vlakbij een school, om iets na vier, terwijl er langs beide kanten van de weg groepjes kinderen te voet of met de fiets op weg waren naar huis. En die 100 meter verder toch moest wachten voor het rode licht. Tot mijn spijt moet ik bekennen dat ik toen voor het eerst in mijn loopbaan als automobilist iemand the finger gegeven heb terwijl ik achter hem stond aan te schuiven. Geeft niet echt zoveel voldoening als ik had gehoopt.
Ook nieuwe broeken kunnen aan je karma morrelen. Geen idee of het een vaak voorkomend fenomeen is, maar ik heb al twee keer een nieuwe broek gekocht waarvan de ritssluiting achteraf een eigen wil blijkt te hebben. Die bestaat meestal uit een verlangen om spontaan terug open te gaan op onverwachte momenten. Na een aantal weken lost het probleem meestal zichzelf op, maar in afwachting daarvan kan het voor knap vervelende situaties zorgen. Zoals begin deze week.
In de cd-winkel op zoek naar muzikaal lekkers. Opeens merken dat het van dattem is. Lichte paniek, want wat doe je? In je hoofd overloop je de mogelijkheden. 1: je doet alsof er niks aan de hand is en wandelt fluitend (pun not intended) naar buiten. Hm, brengt niet echt zoden aan de dijk want het probleem blijft onveranderd en buiten zijn er nog meer mogelijke toeschouwers. 2: je doet gewoon je rits dicht. Kan dat, in een volle winkel waar je regelmatig komt een handeling verrichten die kan verward worden met jezelf onbeschaamd in het kruis tasten? 3: een creatieve uitweg zoeken uit je sociale paranoia. Dat was wat ik ook deed.
Ik kuierde met een van slechte televisieacteurs gekopieerde nonchalance (handen in de broekzakken, zacht neuriënd en opgewekt rondkijkend) in de richting van de obscure metalplaten in de achterste hoek van de zaak. Daar draaide ik mij met mijn rug naar de toonbank en terwijl ik met mijn rechterhand (hier had men mij kunnen betrappen want ik ben linkshandig) een willekeurige cd-hoes bestudeerde, kon ik met mijn linkerhand de gewraakte rits terug dicht doen.
Het is niet niks, onder de mensen komen.

maandag 16 april 2007

Een statement als een ander

Een "actieplan tegen agressie" is altijd belachelijk

dinsdag 27 maart 2007

Primus van de klas

Normaal gesproken vermijd ik fotoalbums als waren het anthraxbrieven. Gisteren maakte ik daarop een uitzondering omdat mijn zus dringend een foto nodig had. En zo kwam het dat ik plots een foto van mijzelf tegenkwam toen ik twaalf jaar oud was.
Het is op het einde van het zesde leerjaar. Als primus van de klas krijg ik een medaille overhandigd door de schepen van onderwijs. Glunderen dat ik doe. Klein ventje naast lange man in kostuum. Mijn gezicht weerspiegelt een mengeling van trots en spanning. Al die ogen op mij gericht! Uit nervositeit grijp ik half naast de uitgestoken hand van de schepen.
Er is nog een tweede foto: ik heb de medaille al om mijn hals en onbevangen kijk ik recht in de lens, uitdagend bijna. De schepen is bijna uit beeld verdwenen, je ziet alleen nog zijn arm. Kijk eens aan, denk ik, niet te geloven dat ik dat ben. En wat een zelfzekerheid straalt dat kereltje uit. De longen barstensvol lucht en klaar voor het grote werk. Popelend om die muffe zaal in dat veel te kleine schooltje achter zich te kunnen laten. De wereld te betreden. Of leg ik dat er nu allemaal zelf in? Het is tenslotte maar een foto. Dus is het ook volstrekt belachelijk dat mijn ogen vochtig worden en dat ik denk: godverdomme, die foto is het droevigste wat ik ooit gezien heb.

maandag 5 maart 2007

Een statement als een ander

Kiwi's zijn de janetten onder het fruit

dinsdag 27 februari 2007

Eric

In die dagen trok Jezus van Nazareth door Judea om het woord van God te verkondigen. Dat deed hij met verve en het zou niet lang meer duren voor hij zo populair zou zijn dat de critici hem aan een kruis zouden vastnagelen. Je zal het altijd zien.
In diezelfde dagen (andere tijd en plaats) vertoefde ik in het landelijke West-Vlaanderen, meer bepaald in het onooglijke gehucht Tielt. Een naam als een slecht Amsterdams popgroepje. De lucht was grijs en leeg. Er joeg een ijzige wind over de velden. Ik naderde de dorpskom: bakstenen huizen en vuile straten. Schichtige gedaantes flitsen langs de muren. In alles gloorde de wanhoop van de uitzichtlozen door. Dit land en haar bewoners waren verdoemd.
Ik was al weken onderweg en ver van huis. Ik had voedsel nodig en een dak om te schuilen, maar waar moest ik heen? Het vooruitzicht aan contact met de lokale bevolking leek me niet bepaald aantrekkelijk. Plotsklaps zag ik een bord met daarop in gele letters "Eric's Familie Frituur Met Zestien Zitplaatsen". De honger joeg mij naar binnen.
Achter de toonbank stond een oude man. Hij vroeg me wat ik wenste. Een bakje frieten en een Ice Tea, dankuvriendelijk. Waarop hij met uitgestreken gezicht sprak: "U mag achteraan plaats nemen. De Ice Tea mag u zelf nemen en omdat u die zelf neemt, mag u de beste kiezen. De grootste is helaas al weg."
Het was kalm in de zaak en terwijl ik mijn maaltijd gebruikte, kwam hij bij mij staan en vroeg hij of ik student was. Ik vertelde dat ik in Tielt lesstage kwam doen. Ha, een leraar in spe? Jawel, of tenminste: dat dacht ik af en toe. Ik was er nog niet uit. Hij hief een wijsvinger en sprak: "Lesgeven is een roeping. En om te achterhalen of het jouw roeping is, moet je naar je wens luisteren. De wil wordt gemanipuleerd, maar de wens is eigen."
Verbaasd staarde ik hem aan. Dergelijke wijsheden had ik nu niet meteen in "Eric's Familie Frituur Met Zestien Zitplaatsen" verwacht. Hij wachtte even om het belang van zijn woorden goed te laten inwerken en voegde er daarna nog aan toe: "De jeugd is fenomenaal mooi, het zijn wij ouderen die hen niet begrijpen." Hij draaide rond zijn as en verdween terug achter zijn toonbank. Een verdwaalde filosoof die frikandellen serveert en in aforismen praat. Kom dat tegen.

zaterdag 17 februari 2007

Treingesprek

Afgeluisterd van twee scholieren op de trein:
- Amai, ik heb goesting in de grote vakantie.
- Haha, nu al? Ja, wie niet hé.
- Ei, als ge later in Gent studeert hé, dan hebt ge 3 maand vakantie!
- Serieus?
- Ja. Maar mijne pa zegt dat ik daarvoor te stom ben, haha.
- Haha.

maandag 12 februari 2007

Het leven zoals het is: lesstage

Als je een jaar ouder wordt telkens iemand je met "meneer" aanspreekt, dan ben ik nu al een eind in de dertig. En dat op een paar weken tijd! Dat vind ik niet leuk. Vooral die rosse puistenkop die in zijn enthousiasme om te antwoorden zeker bijna een minuut lang meneermeneermeneerde, heeft me een pak jaren gekost. Gewoon je hand opsteken en wachten tot ik je aanduid is blijkbaar een stuk moeilijker dan overdadig veel gel in je haar kwakken, hein?
"Nou, dan mot je maar niet voor de klas gaan staan!" hoor ik u al met een onverklaarbaar plots opduikende Hollandse tongval opwerpen. U heeft ten dele gelijk. Lesgeven zelf is best aangenaam, maar het leidt de aandacht af van de hoofdzaken. Denk ik dan. In de veronderstelling dat ik hoofd- en bijzaken van elkaar kan onderscheiden.
Maar goed, ik ga hier niet beginnen zwammen over de diepe doch aaibare identiteitscrisis waarin ik al wekenlang vertoef. Dat is niet sexy. Je identiteit tegen het licht houden is bovendien iets wat je alleen doet. Net als puin ruimen, verlangen en boeken lezen.

woensdag 7 februari 2007

Beeldvorming

Los van het feit dat een mens vermoorden altijd een door en door afschuwelijke daad is, heb ik de afgelopen dagen nog uit niemands mond volgende bedenking gehoord: werden er vroeger geen mensen neergestoken? Ik zal wel weer cynisch zijn als ik vaststel dat alles met het etiket "zinloos geweld" tegenwoordig goed verkoopt. DE MP3-MOORD! DE SIGARETMOORD! Smullen maar. En binnen blijven, dat spreekt voor zich. Wat er buiten gebeurt, dat zien we wel op onze televisie.

woensdag 31 januari 2007

chique miserie

"En zijn neus toeknijpend zegt johan janssens: gisteren ben ik nog de kunstwereld gaan opzoeken om een critiek te schrijven voor het geestesleven... ik heb daar heel die tragi-comische schijnwereld van artisten nog eens aanschouwd alsof het voor de laatste keer was: die pijpen en die lange haren en die artistiek uitgestalde bohemers-miserie... zeer chique miserie, zeer kunstvolle miserie... danse triste de granados... terwijl ik er met afgrijzen moest aanschouwen hoe ze achter mijn weekbladschrijverlijk gat liepen om een gunstige critiek te krijgen... en van kunst weten zij niets af, ze verwarren het steeds maar met een beetje techniek, ze denken dat techniek kunst is: een lijk dat voorover valt als ge er met de vinger naar wijst, maar een lijk dat technisch-goed is, dat technisch in orde is." (L.P. Boon, "De Kapellekensbaan")

maandag 29 januari 2007

Het ouderlijke huis

Koffie met z'n zevenen rond de lange tafel, dat is de traditie. Alleen komt het steeds minder voor dat iedereen er tegelijkertijd is. Schuld van de nestverlaters. Voor mij geeft het niet, want ik heb nood aan stilte en ruimte, steeds meer, maar bij moeder weegt het. Dat zie je. Koffie met zeven en daarna ons elk afzonderlijk in kamers onderdompelen. Praten hebben wij nooit geleerd, tenzij tegen onszelf, god en de muren. Niet alles blijft hetzelfde. Ik, in de kamer waarin ik verdween, denk dat mensen hun namen in het zand schrijven en vervolgens heel hard hopen dat wind en regen verzinsels zijn. Ik denk ook dat ik vandaag een plan moet maken voor de genummerde dagen die nog volgen en ik denk dat ik een blad papier neem. Met je wang op de vensterbank naar de regen kijken. Altijd halverwege zijn.

Woestijn

Martine, waarover ik al eens schreef, heeft nu ook een myspace. Allen daarheen en luisteren naar "Woestijn" en de andere liedjes. Voor de stand van zaken: ik heb intussen nog altijd mijn gitaar niet verkocht en ik heb nog steeds geen deftig werk. Wel een handvol nieuwe liedjes op de plank. Maar ik zal nog wat boterhammen moeten eten om Leonard-Cohen-gewijs (en vanaf nu ook Martine-gewijs) een stuk of vijf onsterfelijke regels in één en hetzelfde lied te krijgen. Ga maar na.

Woestijn

ge zegt 'k heb nood aan open ruimte
ik zeg awel neemt de woestijn
dan kunt ge daar wat gaan verdwalen
en wat ver van huis gaan zijn
maar komt daarna niet klagen
van den honger of den dorst
wie wij zijn is wat wij zagen
slechts wat bloesem voor de vorst
die misschien tot bloei zou komen
maar wat blijkt? wij zijn te jong
'k had thans vernomen dat slechts jaren
van geduld zijn zaad inwon
voor 't geluk op middaguren
als de zon weer op zijn hoogst
is het beter dan te sterven
uit te rukken voor de oogst?

klein liedje over de woestijn
laat ons hopen dat er elders
wat meer plaats voor u zal zijn

ga gezellig met vakantie
ver van 't water van de zee
uw bloem zal niet zo lang meer leven
brengt ne schone cactus mee
die zet 'k ik dan in mijn keuken
op een rij naast al de rest
aan de kapstok hangen deuken
van uw hoed onder mijn vest
'k geef toe het raakt mijn kouwe kleren
nu al harder dan gedacht
ik zal u missen maar ook leren
dat de tijd niet op ons wacht
dat zij veel te snel kan draaien
voor wie niks van 't leven kent
maar ook voor wie die al jaren
weet dat liefde stilaan went
dat het door de zotte sleur komt
dat we stil zijn blijven staan
dat we elkander irriteerden
liever weg hadden zien gaan
men was soms wat onrustig
men gaf te weinig plaats
ga dus lange tijd op wandel
kom pas terug als 't u verbaast
dat ik toch nog die madam ben
die ge eigenlijk wel graag ziet
die u de bloemen tussen 't gras wijst
u gestopt heeft in een lied
over vorst, over woestijnen
over deuken aan de muur
er ontbreekt iets in dit huis
maar ook dat went op den duur

klein liedje over de woestijn
laat ons hopen dat er elders
wat meer plaats voor u zal zijn
klein liedje over u en mij
ik zal hopen maar niet wachten
totdat gij weer terug zult zijn
(Martine De Kok)

dinsdag 16 januari 2007

Voetgangersproblemen

In mijn hoedanigheid van voetganger ben ik een snelle stapper. Stap, stap, stap. Heel snel en verbeten doorbenen. Van punt a naar punt b malen. Maar wat doe je dan als er iemand voor je loopt die veel trager wandelt? Ik zet de mogelijkheden even op een rijtje:
Methode 1: je steekt de andere resoluut voorbij. Risico: de ander vindt je een onbeleefd varken of stigmatiseert je als zijnde "weer zo'n slappeling die zich niet verzet tegen de hectische mallemolen van onze hedendaagse prestatiemaatschappij."
Methode 2: Je haalt bruusk je tempo naar beneden en blijft ongeveer op gelijke afstand hangen. Risico: de andere persoon denkt dat je hem/haar aan het schaduwen bent en zet het op een rennen. Of geeft je een peut op je bakkes.
Methode 3: Je ziet het gevaar op voorhand en steekt tijdig de straat over. Je drijft je tempo fiks op en bouwt een voorsprong uit op de ander. Als die voldoende is, keer je terug naar de overkant. Risico: omver gemaaid worden door een auto.
"Maar welke moeten we nu kiezen?" hoor ik jullie al vragen. Wel, eigenlijk vind ik dat jullie stilaan moeten leren om zelfstandig belissingen te nemen en niet altijd een beroep mogen doen op jullie sociale goeroe. Maar omdat het mij wel flatteert, die naar kennis snakkende blikken van jullie, geef ik nog één keer goeie raad: neem methode 3. Dat is het makkelijkst en laat ons eerlijk zijn, wie maalt er dezer dagen nog om dat hij omver gemaaid kan worden door een auto?

zaterdag 6 januari 2007

Timmermans

"Het gras stond stil in de lage avonddamp, de populieren stonden stil, het water en het licht. Het leek, alsof de tijd aan 't wachten was om voort te gaan."
(Felix Timmermans)

zondag 17 december 2006

Kleine neef

Mijn nieuwe neef - intussen anderhalf jaar oud - was in het begin een serieuze tegenvaller. Geen zinnig woord kwam eruit, hij rook altijd een beetje zurig en qua voetbaltalent was hij rubbish. Maar the times they are a-changin', weet je wel. Ongemerkt is hij opgeklommen tot de status van coolste neef ooit. Misschien komt dat hard aan bij mijn andere neven, maar wat kan ik eraan doen? Ziehier de voornaamste hobby's van mijn jongste neefje en oordeel zelf:
1. Rond de tafel lopen
Even simpel als ingenieus. Kleine neef wandelt rond de tafel en kijkt af en toe achterom om te zien of grote neef hem volgt. Geleidelijk aan versnelt kleine neef. Als hij ongeveer zijn topsnelheid bereikt heeft, is het de bedoeling dat grote neef opeens de andere kant uitloopt en kleine neef opvangt. Nog steeds zonder concurrentie tijdverdrijf nummer één.
2. De wasmachine
Grote neef snapte er geen jota van toen kleine neef middels wijzend vingertje en dreinend zeurtoontje ("uh! uh! uh! uh!") duidelijk maakte dat de deur naar de badkamer open moest. Nog groter was de verwondering toen hij naar binnen holde en voorover boog om door het venstertje van de wasmachine te kijken. Navraag bij de moeder leerde ons dat kleine neef gek is op wasmachines. Flikkerende lichtjes, veel lawaai en een draaiende trommel met kleren, meer moet dat niet zijn. Kleine neef kan er uren naar kijken.
3. Torens omgooien
Hierop ben ik wel een beetje trots want het gaat om een hobby die ik hem - met de hulp van mijn broer - zelf heb opgedrongen. Eerst bouwen de grote neven een toren met blokken van Duplo en kleine neef gooit die vervolgens om, terwijl we samen luidkeels "BOEM!" schreeuwen. Het was eerst wat zoeken, want kleine neef weigerde in het begin resoluut om onze torens om te gooien, hoewel we wisten dat er zeker enig gezond destructief gedrag aanwezig moest zijn. De grote doorbraak kwam er toen we ons realiseerden dat torens groter dan zijn eigen lengte als bedreigend ervaren werden. Sindsdien mogen wij aan de lopende band torens bouwen, die hij dan als een kleine King Kong even snel weer met de grond gelijk maakt, ondertussen enthousiast met de armen zwaaiend en "BOEM! BOEM!" brullend. Navraag leert ons dat hij sindsdien ook thuis alleen nog maar zijn Duploblokken door de kamer keilt, tot wanhoop van zijn moeder. What a guy!

Lijstje

Met de laatste dagen van 2006 die één voor één door onze vingers glippen, groeit ook de vrees dat er - wat deze blog betreft - een zogeheten "terugblik" zit aan te komen. Alle clichés nog an toe!
Must... switch... off... computer...
Ach. We zien nog wel.
In tussentijd presenteer ik u de Lijst Van Dingen Die Ik Dit Jaar Nog Moet Doen:
1. writer's block van mij afschudden
2. nieuwe oneliners van James Bond memoriseren
3. ex-liefje een sympathiek mailtje sturen
4. paar zanglessen nemen
5. duimen voor zus tot het pijn doet
6. veel fruit eten
7. daadkracht tonen
8. mild zijn voor mensen zonder daadkracht
9. kapotte lamp vervangen
10. nieuwe broeken kopen
11. gaan wandelen in het bos
12. mijn beste vrienden koesteren
13. grote stiltes op de juiste manier begrijpen
14. het uitslapen binnen de perken houden
15. idem dito voor Hineininterpretierung
16. geen moeilijke (Duitse) woorden gebruiken om indruk te maken
17. mijn top vijf van cd's 2006 opstellen
18. gul zijn met complimenten
19. gesprek aanknopen met onbekende op trein
20. iets stoms doen
21. "Delta Dawn" leren spelen

dinsdag 5 december 2006

Jeugdherinnering

Pirateneiland


Will (scheepsjongen)



Teut (stuurman)

Kapitein Knoest

Haha, de rare streken van het geheugen. Om God weet wat voor reden schoot me daarnet de volgende jeugdherinnering te binnen: ik ben een jaar of tien en ik mag op woensdagnamiddag thuis gaan spelen bij mijn beste vriend Pieter. Altijd dolle pret! We zijn allebei grote Lego-fanaten en Pieter heeft bijna álles van de piraten, ook het supergrote piratenschip! Zelf heb ik daar eindeloos om gezeurd, maar volgens mijn ouders is dat te duur voor Sinterklaas. Fsh, te duur! Pieter heeft het wel en die zijn armer dan wij want zij zijn thuis met zés kinderen!
Nu goed, we vechten de hele namiddag heroïsche zeeslagen uit tussen de piraten en de soldaten van de gouverneur. Om vier uur worden we aan tafel geroepen, want de mama van Pieter heeft pannenkoeken gemaakt. Lekker, dat wel, maar de piraten van kapitein Knoest stonden net op het punt een goudschat te ontdekken. We schrokken dus snel ons bord leeg om verder te kunnen spelen.
Pieter is als eerste klaar, wipt van zijn stoel en rent naar het tapijt waarop alle Lego uitgestald staat. Net als ik mijn stoel achteruit schuif om hem achterna te hollen, verheft Pieters mama plots haar stem: "Hela, manneke! Kom eens terug aan tafel!" Pieter begrijpt het niet goed en komt verongelijkt terug op zijn stoel zitten: "Wát?" - "Oranneke," richt Pieters mama zich tot mij, "mogen jullie thuis ook zomaar van tafel weggaan? Of wat moeten jullie dan eerst doen?" - "Eerst vragen..." mompel ik met een engelengezichtje en ga nog wat flinker op mijn stoel zitten. Eens een totentrekker, altijd een totentrekker.

zondag 3 december 2006

"God zegt wel niet veel, hé?"

De lucht is grauw en grijs, de dag al sinds vanmorgen aardedonker en de regen plenst al uren onafgebroken naar beneden. Gisteren heb ik mijn oom begraven. Je kan veel zeggen van God: dat hij een alcoholieker is, dat hij wel erg lang wacht met zijn fuckin' Rijk Gods, maar niet dat hij geen gevoel voor sfeerschepping en decor heeft.
Iemand vertrouwd met dit gevoel? Je ziet iedereen rondom je treuren en zelf kan je alleen maar naar je schoenen kijken en af en toe naar de rode ogen van de anderen? En je voelt je een outcast omdat je geen traan kan laten? Alleen je zwarte kostuum wijst erop dat je bij hen hoort. Verder zit alles vast. Ook het verkeer, als je later in karavaan het stadscentrum doorkruist op weg naar het kerkhof.
Hoe vrijgevochten en geseculariseerd we ook mogen zijn, als het over leven en dood gaat, nemen de meeste mensen nog altijd hun toevlucht tot rituelen. Ik wil daar op geen enkele manier geringschattend over gaan doen. Beeld het je maar eens in, de afschuwelijke leegte van een leven zonder rituelen. De schrik slaat me al om het hart. Elke mens deelt die schrik overigens, daar ben ik van overtuigd.
Eergisteren was kardinaal Danneels op televisie. Binnenkort moet hij op pensioen en de interviewer vroeg hem naar zijn toekomst. Andere mensen konden na hun pensioen meestal terugvallen op hun partner, hij kon dat niet. Zou hij zich niet eenzaam voelen? De kardinaal antwoordde dat hij met God een trouwe metgezel had. "Maar" voegde hij er zelf peinzend aan toe, "God zegt wel niet veel, hé?"

dinsdag 14 november 2006

Het was gratis

Verleden week zat er een gratis gsm-kaart van 5 euro bij de Humo. Sympathiek gebaar van een sympathiek blad, zeer zeker! Er zit af en toe iets bij de Humo. Soms moet je er extra voor bijbetalen, zoals voor een dvd of zo. Uw verstrooide en gehaaste blogger dacht echter per abuis dat er ook voor die gsm-kaart moest bijbetaald worden en vroeg de verkoopster dus of er ook Humo's zonder zo'n kaart waren.
- Wát?! (net niet schreeuwend)
- Of er ook Humo's zonder gsm-kaart zijn. (argeloos)
- Maar daar moetegij nie voor betalen! (zonder meer snauwend)
- Ah, sorry... (zich generend)
- Tch! (geërgerd met de ogen rollend)
Maandstonden?